work#art - Adam+God voor de vloedlijn+tekst

‘Het is de cultuursector menens’. Met deze woorden leidt Marielle Hendriks – directeur Boekmanstichting – twee lezingen in.
Bert en ik wonen de eerste bijeenkomst bij van een reeks over Inclusiviteit in het cultuurbestel. ¹ ‘Alle neuzen die erover gaan, staan dezelfde kant op’, vertelt ze: ‘We leven in een open samenleving ³ .. de WRR ² staat een inclusieve benadering voor .. Hoe krijgen we die insteek breed maatschappelijk ingebed?’

Deze thema ‘s: inclusiviteit en open samenleving houden ons – vanuit de praktijk – ook bezig.
Ze vormen topics in de sociaal-culturele kant bij de benadering van onze installatie-projecten. Dus volgen we de ontwikkeling van hoe er gedacht wordt over dit soort onderwerpen op de voet. Zo zitten we nu in de bibliotheek van de Boekmanstichting. Ik ken de ruimte goed: een grote weldadige bovenkamer aan de Herengracht in Amsterdam. De titels op de ruggen van de banden in de kasten spreken boekdelen over de tijden van weleer. Ik hou Bert een oude cultuurnota voor om te showen dat ik de plaatjes van binnen nog weet. ‘Goed geraden’, zegt ‘ie. Nou ja ..
Voor de opleiding CMV⁴ haalden we tijdens dit soort bijeenkomsten ‘de krenten uit de pap’. Zo heette dat toen. Je deed er je voordeel mee door de jaren heen. Iedere regeringsperiode kreeg je opnieuw samengevat, hoe de politieke wind waaide, hoe ’t er vanuit die optiek met de samenleving voorstond en hoe er gedacht werd over Kunst en Cultuur en wat men daarvoor in petto had. Zo kregen we als ‘werkveld’ grip op wat er gaande was. Van weerskanten wordt er naar kernthema’s gezocht, die kunnen duiden waar het om draait; hoe daar actueel op in te springen, er onderling mee om te gaan. Samenhangende begripsvorming waarop beleidsconcepten kunnen ontwikkeld worden, die nieuwe focus en inzichten bieden om je eigen aandeel te bezien. Zo blijf je bij.
Ofwel: Zo worden de kaarten geschud: behalve inhoudelijk onderzoek, gaat ‘t ook om een macht – en krachtenspel natuurlijk.

Als opleiding stonden we altijd een inclusieve benadering voor: mens en omgeving op elkaar betrekken was het adagium. Dat gold voor iedereen. Niemand uitgezonderd. Geen enkele groep mag worden uitgesloten of genegeerd. Voor ons als opleiders waren begrippen als Inclusief , Samenleving en Integraal simpelweg afgeleid van werkwoorden. Het zijn werkingen, dynamieken. Samenleven is een klus op zich. En daar verband in krijgen helemaal! Als je de omstandigheden er niet voor maakt kan een cultuur niet inclusief zijn. Zo leerden we met iedere kabinetswisseling weer andere taal gebruiken om dezelfde inhoud en werkwijze overeind te houden en gelegitimeerd te krijgen.
Ik zit er nu heel anders merk ik, daar in die bovenkamer.

In zijn lezing beantwoordt Erik Schrijvers (WRR) vragen als
Waarom krijgt het begrip ‘inclusief’ de laatste tijd zoveel aandacht? en Waar komt het begrip vandaan?
Hij benoemt de aandachtspunten waarlangs het huidige beleid benaderd wordt:
xx De drie functies van cultuur: overdragen / normeren / vernieuwen
xx Cultuur als anker van de Nl identiteit in tijden van globalisering en onzekerheid
xx Er is sprake van een inclusieve cultuur als iedereen in staat is en de mogelijkheden heeft
xx om op een waardige manier aan elk van deze processen deel te nemen
Hij stelt dat de functie vernieuwen lijkt onder te sneeuwen. Ook gaat hij uitgebreid in op het woord waardig voor deze tijd: ‘Als je er hard voor moet werken of er veel voor moet laten, is dat niet waardig’. Dat dacht ik ook toen ik vroegtijdig met mijn CMV-werk stopte. Mijn salaris, mijn pensioen, ineens was geld totaal niet meer van belang. Maar nu als kunstenaar werk ik me ook het leplazerus.
De opleiding is inmiddels ter ziele. Veel CMV opleidingen trouwens. Stuk voor stuk inclusieve leerroutes ter voorbereiding van een inclusieve benadering in de praktijk .. verdwenen ..
Als Schrijvers het streven naar een inclusieve cultuursector in samenhang brengt met de opkomst van sociale bewegingen en migratie en cultuur als middel ziet om nieuwkomers te laten participeren in de samenleving, raken m’n oren gespitst.
Op zulke momenten hoor ik niet alleen meer aan wat er gezegd wordt, maar beluister ik mezelf in wat ik aan weerskant versta. Een indringend en tijdloos besef. Ik ben waar ik zit, maar vanuit daar ben ik overal. Wie kent dat niet? Caleidoscopische reflecties ..als je ze uit zou schrijven .. eentje eruit ..

… Ik denk aan een paar dagen terug. Ik was in De Gouden Schaar om mijn rugzak te laten repareren. De dame die de tas van me aannam, vroeg me naar Khaled ⁵: Hoe gaat het met hem?
In eerdere blogs is vaker over hem geschreven. Khaled is één van de Afghaanse vrijwilligers bij Scheepje op Houten Golven vorig jaar om deze tijd. Toen stonden ze boek als AMV-er. (Alleenstaande Minderjarige Vreemdeling). Inmiddels zijn ze allemaal de grens van 18 jaar gepasseerd. Twee jongens hebben een verblijfstatus, twee verkeren daarover nog in onzekerheid. Khaled kreeg zijn status niet en leeft inmiddels ergens ondergedoken. Het medeleven in de stad over hun wel en wee blijft vitaal.
‘We hebben geen contact maar via internet kunnen we hem enigszins volgen’, vertel ik haar. ‘In wat hij laat zien, laat Khaled merken dat ‘ie nog steeds een taaie rakker is’.
Ze vraagt door: ‘Wat is je indruk?’. Ik vertel dat ik er ook zijn moeite in aflees.
‘Destijds was zijn mantra tegen iedereen en in alle omstandigheden: Ik wil alleen maar eerlijk.
Nu is hij nog verder van huis dan voorheen. ‘Kan hij dat volhouden in de positie waarin hij verkeert en de situaties waarin hij onvrijwillig belandt? Blijft hij in staat zijn eer en eerlijkheid te behouden?’ vragen we ons hardop af. ‘Ik blijf vertrouwen houden vanuit het vertrouwen waarin ik hem heb leren kennen’, zeg ik. Zij reageert: je kan alleen maar hopen.
Zo wijs. Haar hart is zo betrokken in haar omgang met waar ze wijs mee is.
Binnenkort wordt Khaled negentien. Een onderduiker die ‘t beste Nederlands spreekt van alle vijf. In een vreemd land dat tegelijkertijd een eigen land wordt voor de nieuwe statushouders. Het doet aan andere tijden denken. Ik zal ‘m een emoticon sturen. Eentje die geen aanknopingspunten biedt voor tracering. Eentje waarmee hij exact aanvoelt dat ons hart bij ‘m is.
Als ik de winkel uitloop, denk ik: Nooit gedacht om in zo’n complexe zaak verwikkeld te raken en er met zo’n simpel icoontje een draai aan te moeten geven. Maar ik ben ook blij met de echte contacten rond een mens naar wie ons hart uitgaat. Iemand die, dankzij een kunstproject dat allang voorbij is, ons nog steeds en daadwerkelijk mee maakt in hoe we contact hebben over de tijd waarin we leven. Wat een invloed!
Hoe open is onze samenleving? Een vreemde verschuiving van wegvallende grenzen en rigoureus getrokken scheidslijnen .. verstoppertje en traceerbaarheid op internet .. opgetrokken muren. Hebben we het over het zelfde nog, als we ‘t over een open samenleving hebben? Wat is inclusiviteit in dit verband? In deze tijd? Kunnen begrippen op zich een bron vormen voor een nieuwe inhoud en lading. Kan er een nieuwe spelvorm uit ontstaan voor een samenwerking die ons dichter weet te geleiden bij wat we ermee beogen? Wat kunnen wij als kunstenaars daarin betekenen en veroorzaken?
Terwijl ik zo luister denk ik: Schrijf me maar niks voor. Laten we elkaar beluisteren via onszelf en onszelf via elkaar en zo contact maken dat we elkaar verstaan. Ik weet zeker dat er dan wegen te over ontstaan met onverwachte wendingen waarop we met elkaar iets tot stand kunnen brengen dat onverwachte openingen biedt…

Als dhr. Schrijvers op zoek gaat naar de herkomst van de term inclusiviteit komt hij niet verder dan een brief van voormalig minister van OCW Ronald Plasterk in 2009 ⁷. Zelf ken ik de term van een halve eeuw terug. Het boek Inclusief denken ⁸ uit 1966 stond als verplichte litteratuur op de boekenlijst van de kunstacademie ⁹ waar Bert en ik studeerden. Via dat boekje leerden we o.a dat het bij vormgeving draait om de dynamiek van ‘een eigen inhoud’ die je teweegbrengt. Om het onderscheid dat je aanbrengt tussen wat je van binnen beweegt en dat waardoor je van buiten bewogen raakt. Om alles te betrekken wat om je heen gebeurt. En wat je van binnenuit drijft, terug te brengen naar een essentie die jou maakt in wat jij hiervan maakt. *
Als je in de noten hieronder over de samenhang tussen de verschillende opleidingen leest, valt dit boekje vanzelf op zijn plek alsof het om een zaad gaat, een bron, voedingsbodem, een context of een geur die de sociaal-culturele kant van onze benadering kenmerkt. Het boekje en wat er in staat, doen er niet meer toe, de inhoud is vanzelfsprekend geworden. Maar hoe geconcentreerder we ervan doordrongen zijn, hoe vanzelfsprekender het werkt .. onverwacht.

Onlangs, tijdens de Open Dag op Het Werk ¹⁰ in IJsselmuiden waar ons nieuwe atelier WARK als werkplek is gevestigd, stond ik met een stel bezoekers bij een van de werken die we voor deze gelegenheid weer ‘s op een ander manier bijeen hadden gebracht *. We kregen ‘t samen over de gastvrijheid die we ter plekke ervoeren. IJsselmuiden als gastvrije omgeving voor Het Werk. En Het Werk als gastvrije plek voor de omgeving. Ik vertelde dat wij de invloed van dat wederzijdse karakter in al onze kunstinstallaties betrekken. Onwillekeurig maakte ik daarbij een gebaar met mijn handen: in een snelle afwisseling hield ik mijn linkerhand om mijn rechtervuist en mijn rechterhand om de linker:’ Zelf had ik dat niet door maar ineens begon er iemand te zingen: ‘Deze vuist in deze vuist,‘, als variatie op het liedje van Ome Willem. ‘En zo klim ik naar boven’ zongen er meteen een paar mee. Het riep verbazing en enthousiasme op. Er was meteen contact over en weer. Ineens waren we allemaal eigenaar van het moment en de plek waar we stonden. We stonden verbaasd van elkaar terwijl er tegelijkertijd veel vertrouwen ontstond: Niemand is hier baas, iedereen is welkom bij iedereen en samen maken we er wat van.
In dit tuindersdorp is de bestaansgrond meteen voedingsbodem. Zulke grond voel je meteen op je klompen aan zou je denken. Maar politiek gezien is er nog heel wat werk aan de winkel om daar beleid op te maken. Ik ben benieuwd wat er hier van de grond komt. In ieder geval komt ook in Het Werk een werkplek voor asielzoekers zoals ze hier heten.

‘Het is de cultuursector menens’. Vroeger zou ik ‘t als streng ervaren hebben en een hoop blabla. Nu voel ik alleen maar urgentie. Doe ’t maar ’s. Dat lukt niet in je eentje. Maar ook niet met beleid van bovenaf. Zoiets kan je alleen maar in samenwerking klaren. Niet alleen maar door te praten met vertegenwoordigers uit het veld, maar ook met werkers uit dat veld. Met de levende ervaring van de dynamiek in daadwerkelijk contact.
Toen ik tijdens de discussie naderhand ook even een duit in ‘t zakje deed, werd dat dapper genoemd. Een wonderlijke ervaring, is dat zo bijzonder dan, een werker in huis? Ik voelde me ineens de man in een prent van Norman Rockwell ¹¹ Hoe bereiken we dat de ‘overkant’ de ‘keerzij’ de ‘andere kant’ dat ‘iedereen’ daadwerkelijk op uit en voor in is? En iedereen erin begrepen wordt?

xxxxxxxxxxxxxPlasties Faam

xxxxxxxxxxxxxTen hoop bereid bij mist anaken
xxxxxxxxxxxxxZang gerucht in mono stijl
xxxxxxxxxxxxxKoorts in triplo dagen

xxxxxxxxxxxxxCento Jala oorstel slaken
xxxxxxxxxxxxxIndigo waarheil stuw de vloedlijn

xxxxxxxxxxxxxSa Vintrechio

xxxxxxxxxxxxxDevoot intraan nog stil ter kwade
xxxxxxxxxxxxxTuchtig zaad in monotijd
xxxxxxxxxxxxxZiel doe wezen weemoed
xxxxxxxxxxxxxCento Jala oorstel slaken
xxxxxxxxxxxxxIndigo waarheil
xxxxxxxxxxxxxStuw de vloedlijn

xxxxxxxxxxxxxZoekt het roodklef poeha en schrootgedrag
xxxxxxxxxxxxxEn optima draag tot diepenkast paraderen
xxxxxxxxxxxxxPluche zitsel to verhinder
xxxxxxxxxxxxxLoof depende kluit verschoren
xxxxxxxxxxxxxPlasties faam commode essen
xxxxxxxxxxxxxRuiterpracht de droefheid

xxxxxxxxxxxxxFaam!

xxxxxxxxxxxxx ¹² Hauser Orkater in: Zie de mannen vallen

Analyseren, expliciteren, conceptualiseren, debatteren, citeren, het is allemaal niet zo moeilijk. De uiteenzettingen en schema’s kunnen maar zo een ont zettende werking verkrijgen, waar alleen de maker zichzelf nog in beluistert. Teksten en beelden die wat naijlen maar niet aan hun fysiek transformerende werking toekomen. We gaan er allemaal onze eigen goddelijke gang mee en komen er zo mee weg.

Inclusief denken verwijlt nog in een niemandsland tussen spraakverwarring rond een toren ergens in Babel of in de Bijbel en een spreken in tongen in Pinksterlicht. Tussen vervreemding en inspiratie, Ontwortelende, middelpuntvliedende krachten tussen wal en schip.
Iedere kloof heeft zich inmiddels wel van beide kanten belicht. Maar is verworden tot gekrakeel van mutselingen via ’t scherm.
Van de weeromstuit ben ik bang dat ik de werking in kunstenland hier ook onder zal moeten scharen.
Een stuiterend landschap van afgeronde gevolgen, gespreid op een bedje van curatoren en afgeblust met een luchtige consistentie waar je U tegen zegt.
En alsmaar onder die vermaledijde macht van woorden die mensen doen volgen en schikken ..
Hoe vinden we afgeleid door elkaar en met elkaar een evenwicht? Hoe krijgen we dat inclusieve denken als gedachtengoed geïncorporeerd?
Hoe kunnen de kunsten daar een bijdrage in leveren? We zijn geïnspireerd zat en hebben onszelf en elkaar voldoende in de gaten.
Hoe kan inspiratie weer afdalen naar bezieling?

Laten we vallen voor elkaar .. gewoon: plof op de grond als zaden. Wees niet bang voor de klap; de akker is voldoende doorploegd.
Zak door de aarde, de voedingsbodem van ons allemaal. Laten we ons verliezen in elkaar, gemeenschap bedrijven en ontkiemen in elkaars voren.
Van inspiratie naar bezieling vanuit een gemeenschappelijke bestaansgrond, een aarde rond.

Een paar dagen geleden schreef ik de directeur maar terug dat het mij ook menens was. En dat ik graag uit ben op een wat duurzamer contact.
Menens? Als het aan workheart ¹³ ligt: Het is ons ernst!

Kirsty de Vries Reilingh voor blog Webversie

Noten:

1 Zie Verslag Inclusiviteit door Erik Schrijvers (WRR) en Kıvılcım Özmen (Federatie Cultuur) lezing Boekmanstichting dinsdag 24 april 2018
In dit verslag wordt een filmpje aangehaald waar kinderen aan elkaar uitleggen wat intersectioneel betekent. Dit vanwege de lastige begripsbepaling in
de Code Culturele Diversiteit. Toch blijkt daar samen uit te komen zijn. Het filmpje is via deze link te bekijken.
In juni verschijnt hierover een door stichting Boekman uitgegeven themanummer waarin gekeken wordt naar de mogelijkheden hiertoe. Deze is bij

voorintekening te bestellen. Het themanummer zal ook ter inzage liggen in WARK (ons atelier in Het Werk – IJsselmuiden) en in de Toonzaal van Huize
Maria.

2 Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid

3 Op 12 maart jl. presenteerde minister Van Engelshoven (OCW) de visiebrief Cultuur in een open samenleving waarin zij de intrinsieke waarde van cultuur
onderstreept en de maatschappelijke waarde ervan onder de aandacht brengt. Een PDF van deze cultuurbrief is te downloaden

4 de studierichting CMV werd voorafgegaan door de opleiding Kultureel Werk op de Sociale Akademie IJsselpoort in Kampen, na verhuizing naar Zwolle
Windesheim heette ze aanvankelijk SCW (Sociaal Cultureel Werk) binnen de faculteit HSAO en weer later CMV (Culturele en Maatschappelijke Vorming).
Toen de opleiding te zeer versnipperd raakte binnen het onderwijsbeleid van Windesheim, stapte ik voortijdig uit om het werk te integreren in mijn praktijk
als beeldend kunstenaar. In blog 37 heb ik daarover uitgebreid geschreven. Zie Loos Alarm 37 deel 1: Leven als Kunstwerk deel 2: Peil je dobber, zilt je zee
   deel 3: Luis in de Pels en deel 4: omstandig Heden. De aanvankelijke opleiding was geēnt en geïnspireerd op de structuur en inhoud van ‘De Horst’ in
Driebergen (zie onder noot 6)
* Als opleider gaf ik veel lessen en training in Systeem en Communicatietheorie en in Groepsdynamica.

5 Khaled is een gefingeerde naam die we steeds voor dezelfde jongen gebruiken. Toen, omdat hij minderjarig was, nu omdat hij ondergedoken is.

6 Scheepje op Houten Golven was een locatie-specifiek installatieproject van work#art in het kader van de Internationale Hanzedagen 2017 Kampen.
Alle project- en product-activiteiten zijn vanuit inclusief denken opgezet en uitgewerkt. Click hier voor alle ins en outs van project SoHG.
Click hier voor de nevenactiviteiten van Stichting workheart tijdens de Hanzedagen.

7 Bedoeld wordt de brief van voormalig minister van OCW Ronald Plasterk op 24 april 2009 aan de Tweede Kamer over Culturele Diversiteit. Hierin schrijft hij:‘het cultuurbeleid is “inclusief”, dus bedoeld voor alle Nederlanders, hetzij als makers, hetzij als publiek’) en de visiebrief van de huidige minister Ingrid van Engelshoven (‘Cultuur is daarom van en voor iedereen. Ongeacht de plek waar je woont, uit welk gezin je komt of welke culturele achtergrond je hebt, ongeacht leeftijd, geslacht, beperking of opleiding’).

8 In Inclusief denken. Een andere tijd vraagt een ander denken (uitg. Ambo 1966) werkte Feitse Boerwinkel de term uit als een ‘een denken dat er
principieel van uit gaat dat mijn heil (geluk, leven, welvaart) niet verkregen kan worden ten koste van of zonder de ander, maar dat het alleen verkregen
kan worden als ik tegelijk het heil van de ander beoog en bevorder’ (p. 27). Om de dominantie van zijn op het ego gerichte rationaliteit te weerstaan moest
de mens solidair leren zijn met de ander. Het ging daarbij niet alleen om tolerantie of conformisme. Het ging om een kritische en in praktijk te brengen visie
op het leven: de ander moest geholpen worden zonder aan het eigenbelang te denken. Solidariteit in verbinding. heette t ook wel. Dr. Feitse Boerwinkel was
destijds directeur van School voor Maatschappelijk Werk De Horst in Driebergen. NB: Door de overheid gefinancierd! De School kende drie (dag)opleidingen
(eigenlijk uitgebreide specialisaties) a. Jeugdwerk/Vormingswerk, later Soc.Cultureel Vormingswerk (CMV)b. MaatschappelijkWerk:nu MWD. Personeelswerk
/ Industriële Verhoudingen: nu P&A. Net als de Akademie voor Beeldende Vorming (zie noot 6) had de kleinschalige opleiding een levensbeschouwelijke,
cultureel-politieke, creatieve en kritische cultuur.
De volgende twee artikelen belichten het boekje wel aardig voor de werkelijkheid van nu:
xxInclusief denken .. of hoe eigenbelang en altruïsme kunnen samengaan! Basisartikel voor de blogspots van Petrus Cass.
xxBoerwinkels beproeving moet nog komen – Jos van der Lans artikel in TSS (Tijdschrift voor de Sociale Sector) – oktober 2006

9 de Akademie voor Beeldende Vorming in Amersfoort, We studeerden er beide in 1976 af met als specialisaties: keramiek & ruimtelijk vormen. De opleiding
is later opgegaan in de Hogeschool van Utrecht.
* Nogal abstracte zinnen wellicht, maar stel je een keramische pot voor op een draaischijf met een pottenbaker die het wiel aandrijft, en je hebt een beeld bij wat ik
hierboven schets. Zie anders blogs over Thanh Ha-Vietnam

10 In het atrium van Het Werk – broedplaats voor de kunsten – hebben we een grote installatie staan met de titel Aankomen in een vertrek.. Het zijn oude artworks van work#art in een nieuwe
samenstelling. Karretje Met Drie Paar Vleugels zoekt z’n weg tussen de werken van de andere kunstenaars in die ook een werkplek hebben rond het binnenplein. Zo zoeken de werken contact met elkaar. Zo komt Presence of Absence er naar binnen rijden en Goud op snee staat er in vol ornaat met aan
weerskanten de tekst; aan weerskant speelt weerstand. De zwarte spiegel met de tekst Het draait om waar het om draait ligt op de grond en het fietsje van Stilstaan bij
begane grond
trekt een regenboog vanuit een dakkoepel naar een immens doek op de grond waarop de silhouetten van twee boogramen zijn gedrukt.

11 Norman Rockwell – Freedom of speech. Een van Rockwell’s beroemdste schilderijen.

12 In de voorstelling: Zie de mannen vallen werkt Hauser binnen een schutting. Wat zich daarachter afspeelt? Het alledaagse leven .. vrouwen .. kinderen?
Première mei 1979 in Shaffy Theater Amsterdam. Via Youtube te beluisteren digi-grammofoonplaat

13 zie blog 3 workheart in bedrijf banner

Comments