I-also-like-to-live-dangerously-banner

Een beeld doemt op: Even terug naar de fifties en sixties. Dat geweldige tijdperk na het geweld van de 2e wereldoorlog waarin iets geheel nieuws opwelt.
Je zou er maar zo heimwee naar ontwikkelen, terwijl het misschien wel nooit heeft bestaan! Je herinnert ‘t je van wat je erin weergegeven ziet.
Een aanname. Een kader.
Ik zie zo’n periode graag als iets wat je erin doormaakt, een ’aankomen in een vertrek’. Een curve in de deining van de tijd, de opwelling in een krachtenspel waarbij je ervaart wat in zwang is. Tijd als perk en voedingsbodem voor wat opkomt, uitbot, vorm aanneemt en ruimte inneemt.
Een dynamiek: tot leven gewekt en opgesnoven als een geur, kwetsbaar en vluchtig als een droom ..

Wakker worden. Kijk om je heen: vetkuiven en suikerspinkapsels spelen een rol. De meisjes streven naar een zandloperfiguur en grijpen en masse naar de petticoat als hulpstuk. Allemaal lagen van ruim geplooide stroken in een klokkende vorm. Hun rok wijduit over een tule van gaas, glimp van in nylon gehulde benen. Geld rolt, aan de rol ermee! Een kwartje in de jukebox, je keuze licht op en kantelt een schijfje vinyl. Een naald tast het verlangen af naar de geur van sigaretten en vanille. Vervoering speelt zich op 45 toeren af. Uit die droom kom ik voort.

In de overgang naar de sixties kom ik wat bij zinnen. Ik zal een brugpieper geweest zijn; want bakvissen in petticoats kenden we niet op de lagere school.
En we vieren al pauze buiten het hek. De tijd wordt buigzaam als een springkussen, krijgt wat besef in Einsteins ruimte.
Tijd tussen brylcreem en droogshampoo, van Pleiners, Dijkers, Mods en andere Nozems .. Wat wist je daarvan in Kampen? Niks nog!
De hippie- en provotijd moet nog komen. Het duurt nog even voor ik naar Amsterdam ga, niet wetend wat ik zie en vanuit een lantaarnpaal onvermijdelijk de ontwikkelingen wordt ingezogen.
Pas dan wrijf ik mijn ogen uit, zal ik mijn haar laten groeien en proberen antwoorden te zoeken op wat ik aantref in wat op me afkomt. Een toekomst die niet meer is wat het was.

buugtrappen op éénnachts ijs
Maar nu is het winter, een kraakheldere dag. Ik zal een jaar of elf zijn. Het heeft gevroren, ietsje sneeuw, ietsepietseltje rijp.
Alles ligt er nog maagdelijk wit bij. We staan met een groepje jongens aan de rand van een stadsvijver. Sinds een paar jaar ligt ‘ie weer dicht.
IJle geluiden, kleumende botten en tintelende vingers. Zo koud als het is, van binnen en om me heen broeit ‘t. Alle zintuigen staan op scherp,
‘Dat durf je nooit’.
Ik weet nog weinig van wanten maar ben al wel door de wol geverfd: Ooit door het ijs gezakt, kopje onder zelfs.
Maar deze vijver is niet diep en ik ken de slijkige bodem. Je kan hooguit een ‘natte poot halen’. I k zou niet weten wat ‘nooit durven’ te maken heeft met voorzichtig verkennen. En heb al helemaal geen idee van hoe ik mezelf ooit binnen ‘nooit’ zou moeten rijmen. Hardleers?
Eerder super naïef wat neerkomt op jezelf nog niet kennen en je niet laten kennen.
Maar meer nog: gewoon benieuwd en niet te houden!

Dus stap ik voorzichtig op ‘t ijs. ’t Is glad, dat wel, maar ik loop op ‘bordeelsluipers’ en die hebben spekzolen. Proberen toch? Anderen volgen. Het ijs kraakt. Maar door wijd uiteen te lopen en elkaar vast te pakken, houden we ons staande en grappen naar de rest op de kant.

Hoe het zover kwam weet ik niet, maar langzaamaan komen we op gang en zetten de pas erin. In een rijtje gelijk op .. deinen we met elkaar op en neer.
Het stijve ijs onder onze voeten kraakt wat maar begint mee te golven. Een trage massa zet zich in beweging. Het gaat als vanzelf .. we lopen onszelf vooruit, tegen een golf op door .. door .. tot we de overkant naderen. Een sprong en we staan weer op harde grond.
Nu weten we wat we deden, dus terug. Anderen durven nu ook. Ook zij maken een een rij en wij gaan voor ze uit. Het lokt steeds meer kinderen van de kant. ‘Buugtrappen is meiden imponeren’ zeggen ze. Mooi niet. Zij durven nu ook!

Hoe wisten we hoe dat gaat: stijf ijs buug trappen? Zonder ervaring? Te laten golven als water zonder er door te zakken? Geen idee!
Het lijkt op verkennen wat je deed, terwijl je doet. Er gaandeweg achter komen dat wat in je opkomt in je eigen aard lag te wachten.
Het komt bijna neer op een onmiddellijke herinnering van wat zich aan je voordoet. En pats daar gaat ‘ie, elk moment als koppel van krachten benuttend.
Een dynamiek die voortkomt uit de wisselwerking tussen drift en uitdaging. Een drang tot verleiden en verleid worden, raakt in omloop, komt op gang in de omgang met éénnachts ijs. Totale concentratie. Gewaagd en afgewogen.

Totdat .. er achter ons, een hele rij door het ijs zakt. Een hoop geschreeuw en gedoe .. geploeter naar de kant.
Één meisje blijft achter in het wak. Drijvend in het dons haar wijduitstaande petticoat. Een kermende zwaan haar voeten vastgezogen in de slijkige grond.
Dan zet ze een keel op .. een hoog snerpende schreeuw. Helpen geblazen.
Het lukt. Op de kant blijft er een natte kat over. Overal plakkende kleren, glimmend als de brede lakceintuur die om haar middel snoert. Vertwijfeld grijpt ze omhoog, naar haar steeds vuiler wordende haar. Opgestoken is het allang niet meer. Uit de sluike pieken puilen een paar afgerolde nylons naar buiten. De redders van net, staan nu te joelen om haar heen. Luid jankend en met zwarte laarzenbenen, druipt ze af.

Ik trek me terug, schaam me voor wat zich ontketent uit dit experiment. De gracht is één grote mess van schollen en schotsen. Wit gerijpte takken hangen boven een asgrauwe drats. Hoe lelijk kan je ‘t krijgen na het zwanendons van even ervoor?
Een ingesnoerde zandloper, leeg geraakt tot op de bodem.
Meteen moet ik niks meer hebben van volgers. En wespentailles roepen walging op. Misselijk van de draaierige dombo’s die langs de kant alleen stonden af te wachten of het ijs hen houden zou. Alleen de gelegenheid te baat namen – zonder verkenning hoe verder. Dan glijden je mogelijkheden toch vanzelf af naar een dal in de deining. Hoe zou een holle golf je kunnen dragen?
Het wordt stil om me heen .. de pauze zal allang voorbij zijn.

Even verderop klinkt nu gejoel. De ‘Spinazieacademie’ zeker. Uitgelaten meiden met klossende klompen op een andere gracht. Dat wordt geen schaatsen zo.

Haantje de voorste .. gebeten hond. Ik zal vast op mijn donder gekregen hebben. Niet zozeer thuis als wel op school.
In die tijd werd alles met straf afgedaan. Praten kwam later. Je wist niet half.

Tijd staat niet stil .. nemen we aan.. terwijl we er deel van uitmaken. En wat erin gebeurt nemen we aan als gegeven.
Wat je te weten komt, ontwikkelt zich razend snel in de omgang ermee. Ervaringen eigenen zich een leven toe. Het gebeurt gewoon, haast onbewust.
Gaandeweg peilt een huiverend geweten naar haar ontdekkingen in de aaneenschakeling van huidige tijd.
Geen enkel moment in die keten lijkt vast te leggen. Hooguit weer te geven in een beeld, een verhaal, in een natuurwet misschien.
Als gelegenheid voor de herinnering aan wat je ooit uitvond.
Een spel om telkens weer in te zien, te onderzoeken en er nieuwe essences uit te destilleren.
Ieder moment ontwikkelt zich verder aan wat jou- en wat jij in omloop brengt. Een omgang die een gedaante aanneemt.
Een schaal resonerend op binnen en buiten. Een ademende huid. Trillend in haar doen en laten gaat ze een wisselwerking aan. Ingaand op omgeving, laat ze ingevingen toe die op hun beurt gebeurtenissen vormen. Een menselijk kunstwerk .. zo mogelijk.

Immens gegeven, wat weet je ervan? Houden we het bij: ‘de tijd zal ons leren’ .. of bieden wij ons de ruimte voor de tijd die aan zichzelf toekomt?
Van broeinest naar broedplaats.

Volgende keer deel 2 in van broeinest tot broedplaats: Doemdenken of veilig wanen?
Kunnen broedplaatsen een rol spelen in onze verhouding tot wat er zoal rondzingt over ‘de toekomst’?

Het is mogelijk dat dit deel eerder uitkomt dan het volgende blog bij Loos Alarm (op 3 november a.s.)

VOETNOTEN
Banner 1
I Also Like to Live Dangerously is een internetmeme, afgeleid uit de komediefilm Austin Powers: International Mystery Man uit 1997, uit de blackjack-scène waarin Austin Powers (gespeeld door Mike Myers) besluit te blijven wanneer hij “vijf” heeft en zijn iconische uitspraak doet: “I Too Like Dangerously Live”. Een internetmeme is een concept (idee, stijl of actie) dat zich via internet vaak in hoog tempo als een afgeleide of imitatie verspreidt.

Banner 2 Klik op de banner of klik hier om af te spelen
Een filmpje door een van ons beiden in Kassel genomen van een muntje dat je in een zwart gat kon laten verdwijnen.
En een beeld uit Het discriminerende algoritme of Hoe treden we op tegen de uitwassen van kunstmatige intelligentie? Een terug te kijken programma van de Rode Hoed via LINK Liever luisteren? Dat kan ook:
Suikerspinkapsel en seksbom . Het kapsel lijkt wat op de neus van een B-52 bommenwerper. Dat verwijst weer naar naam van de Amerikaanse band The B-52′s, van wie de zangeressen Kate Pierson en Cindy Wilson zo’n kapsel droegen.

‘Aankomen in een vertrek’ is een verdichte gedachte van mijn hand. De zin komt uit een gedicht waarvan meerdere regels over verschillende lichtkrantjes zijn verdeeld. Deze lichtkrantjes vormen onderdeel van een installatie voor een lift of bij een wenteltrap. De installatie is voort eerst te zien in de Koornmarktspoort tijdens de tentoonstelling ‘Openbarstig Weerbaar’ van ons als ANDart nog. ik meen dat het in 2007 was.
De regel: ‘Aankomen in een vertrek’ staat nu voor ons tijdelijk verblijf in het atelier dat we via Carex – leegstandsbeheer huren. De tekst hangt nu op uitgezaagde panelen in het werkvertrek van Het Werk – IJsselmuiden

Meer over bordeelsluipers: link

Over wat suikerspinkapsels met seksbommen verbindt

Heldere uitleg over Pleiners, Dijkers, Mods en andere Nozems vind je via URL

Bladen waaraan je in die tijd je hart aan kon ophalen, (wat ik pas vanaf 1966 ging doen): Twen en later Taboe https://www.hansvervoort.nl/index.php?page=2&columnId=53&columnNoFlash=1 gevolgd door Hitweek en later Aloha . Na 10 maart 1966 om precies te zijn.

Zoals de in die tijd bestaande huishoudschool werd genoemd. Een vorm van nijverheidsonderwijs voor meisjes, zoals de ambachtschool er voor jongens was. Die school had voor zover ik weet geen bijnaam.

jubileumconferentie NEXUS: The Ring of What Will Rule the World op 10 november a.s. ZIE

Ronald Havenaar – Naar de bliksem, maar nu nog niet. Over hedendaags doemdenken. uitg.Prometheus
NRC Volkskrant
Interview in Filosofisch Magazine FM nr. 10/2019

Comments